Home » Nieuws » Een stinkend nachtdier

Een stinkend nachtdier

Een stinkend nachtdier
Keukenstudio Dordrecht

Zoogdieren moet je in Ambacht en Zwijndrecht bij wijze van spreken met een lampje zoeken. Niet alleen omdat ze hier zo weinig zijn, maar vooral ook omdat de meeste soorten die voorkomen ’s nachts actief zijn. Hazen en konijnen zijn min of meer de enige uitzonderingen, en met wat geluk zie je overdag een ree. Maar muizen en vleermuizen, de meest talrijke zoogdieren hier, komen vrijwel alleen ’s nachts voor. Dat geldt overigens ook voor de bunzing, die een stuk minder bekend is. Een enkele keer kwam ik deze tegen, waarvan de meeste keren ook ’s nachts.

Bunzingen behoren tot de marterachtigen, zijn zo’n 40 cm lang en hebben een donkerbruine vacht. Op de kop hebben ze een opvallend masker, wat veroorzaakt wordt door de lichte haren rondom de oog en snoet. Twee lichte oortjes steken daar weer bovenuit. Bunzingen zijn vooral bekend van het gezegde ‘stinken als een bunzing’, maar zien (en ruiken overigens ook) doe je ze zelden. Desondanks komen ze hier nog steeds wel voor, wat we helaas vooral weten door het feit dat ze regelmatig worden doodgereden. Nadat ze in de nazomer vooral als familie optrekken, is nu de tijd aangekomen dat de jongen zelf op zoek gaan naar een leefgebied. Het gevaar van wegen kennen ze niet, en zodoende belanden ze nogal eens onder een auto.

Echter, ondanks de wegen komen ze dus toch nog voor in de dichtbevolkte omgeving waar wij wonen. Buiten de bebouwde kom is zeker voldoende leefgebied voorhanden, waar ze gebaat zijn bij structuur in het landschap. Slootkanten, wat bosjes en een rommelig schuurtje zijn belangrijke onderdelen van het leefgebied van een bunzing. Ze brengen het grootste deel van de dag namelijk door in een holte, zoals in een schuurtje, maar dat kan ook in een konijnenhol zijn. Als de duisternis invalt, vertrekken ze (behalve als het echt koud is) en gaan ze op jacht. Ze kunnen ’s nachts grote afstanden afleggen, waarbij ze jagen op tal van verschillende prooien. Bunzingen zijn in staat om konijnen te vangen, maar ook muizen en kikkers zijn favorieten prooien. Zeker van kikkers kunnen ze grote voorraden aanleggen, wat ze op nogal lugubere wijze doen. Ze kunnen deze namelijk verlammen door in hun rug te bijten, zodat ze kikkers lang ‘vers’ kunnen bewaren. Overigens behoren bijvoorbeeld ook allerlei soorten bessen tot het menu van bunzingen, en eten ze dus net wat er voorhanden is.

Naast dat ze buiten de bebouwde kom voorkomen, leven ze ook in Ambacht en Zwijndrecht. Met name aan de randen, maar ook in parkjes of in groene tuinen kan je ze met name ’s nachts tegenkomen. Als er maar voldoende voedsel, rust en schuilgelegenheid aanwezig is. Bang voor de reuk hoef je overigens niet te zijn, want deze verspreiden ze alleen als ze in gevaar zijn door hun klieren leeg te persen.

Heeft u vragen, zelf wat onbekends gezien of andere opmerkingen? Mail me gerust:
cornelisfokker@gmail.com

Privacy | Cookies    © 2021 Uitgeverij De Brug - Xebius Media Groep

Ontvang elke week het laatste nieuws en De Brug per mail
Meld u aan voor de digitale nieuwsbrief van Weekblad De Brug en ontvangt elke week de edities in uw mailbox.
Ontvang elke week het laatste nieuws en De Brug per mail
Meld u aan voor de digitale nieuwsbrief van Weekblad De Brug en ontvangt elke week de edities in uw mailbox.
Terug naar boven.