Grote barmsijzen hebben een opvallend rood petje en de mannetjes bovendien een rood-roze borst, zoals hier op de foto. Foto: Rutger Plaisier
Grote barmsijzen hebben een opvallend rood petje en de mannetjes bovendien een rood-roze borst, zoals hier op de foto. Foto: Rutger Plaisier

Invasie grote barmsijzen

Regio - Tegenwoordig gaat er bijna geen dag voorbij, of je kan het onopvallende roepje van grote barmsijzen horen. Het geluid wat ze maken is een soort ‘tret-tret-tret’, wat ze al vliegend vrijwel continue roepen. Meestal zie je ze dan ook als kleine vogeltjes overtrekken, maar met wat geluk landen ze in een boom. Als je ze goed kan bekijken zal je een wat grijzig vogeltje zien, met fijne streping en een opvallende vleugelstreep. Ze hebben een zwarte befje onder de snavel en het voorhoofd en de borst zijn wat rood-roze gekleurd. Ze zijn bovendien eigenlijk altijd met meer, soms wel in groepen van tientallen exemplaren. Het ene moment lijken ze rustig te naar voedsel te zoeken, niet veel later vliegen ze opeens massaal op en vertrekken dan meestal weer door richting het zuiden.

Deze winter zijn er opvallend veel grote barmsijzen in ons land en ook in onze regio kan je ze tegenkomen. Deze soort broedt in het hoog noorden van Scandinavië tot ver in Siberië. Normaal gesproken blijven ze in de meeste winters ver bij ons uit de buurt, maar onregelmatig komen er invasiejaren voor waarbij grote aantallen in Nederland opduiken. Nu is ook weer zo’n jaar, wat waarschijnlijk het gevolg is van een goed broedseizoen (er zijn dus veel jongen geboren) in combinatie met weinig beschikbaar zaad op de plekken waar ze normaal de winter doorbrengen. Daardoor moeten ze in beweging komen op zoek naar voedsel. Uit eerdere jaren waarin dergelijke invasies voorkwamen, is gebleken dat ze zelfs uit China kunnen komen. Tijdens ringonderzoek in Den Haag werd toen een grote barmsijs gevangen met een Chinese ring, wat wel laat zien hoe mobiel deze vogelsoort is en op zoek naar voedsel dus vele duizenden kilometers kan afleggen.

Grote barmsijzen trekken eenmaal bij ons graag op met groepen putters en sijzen, en doen zich meestal tegoed aan zaden van berken en elzen. Goede plekken om ze te zien zijn bijvoorbeeld het Develbos en Waalbos. Met hun fijne snaveltje kunnen ze de zaadjes uit de elzenpropjes wippen of ze zoeken op de grond naar voedsel. Wanneer je een groepje barmsijzen hebt gevonden, kan het de moeite lonen om deze eens goed te bekijken. Niet alleen is dan het verschil te zien tussen mannetjes (met mooi veel rood op de borst) en vrouwtjes, maar ook kan er zomaar een kleine barmsijs tussen zitten. Deze soort is nauwverwant aan de grote barmsijs, maar het broedgebied ligt duidelijk elders. Kleine barmsijzen zijn net wat kleiner en bruin van kleur, verder zijn de verschillen minimaal. Kleine barmsijzen broeden echter ook voor een deel in Nederland (vooral in de duinen) en komt dus van een stuk minder ver dan de grote barmsijzen. Hoe noordelijker je komt, hoe grijzer de barmsijzen worden, en zo gaat het broedgebied van kleine en grote barmsijs min of meer geleidelijk in elkaar over. Op de overgang zijn dan weer barmsijzen die op basis van hun uiterlijk niet echt binnen het plaatje van zowel grote als kleine barmsijs vallen.

Heeft u vragen, zelf wat onbekends gezien of andere opmerkingen? Mail me gerust:
cornelisfokker@gmail.com