
Distelvlinders uit Afrika
Juni is normaal een maand waarin weinig vlinders vliegen. Je zou verwachten dat zo midden in de zomer er altijd veel vlinders zijn, maar niks is minder waar. Vlinders vliegen namelijk in zogenaamde generaties, en de aantallen verschillen dan door het jaar heen. Veel vlindersoorten hebben twee of drie generaties, waarvan de eerste in april of mei vliegen. Als dan de temperaturen stijgen, komen de vlinders dan uit de pop. Vlinders zijn echter kwetsbaar. Na een aantal weken vliegen beginnen ze te slijten, en uiteindelijk gaan ze kapot. De kwetsbare diertjes verliezen steeds meer van hun vleugels, waarna ze uiteindelijk doodgaan. Dit is vaak ook goed te zien, want ‘verse’ vlinders hebben meestal frisse kleuren en nog complete randen langs de vleugels. Zogenaamde afgevlogen exemplaren zijn veel valer en de gaten zitten erin, waar ze dus uiteindelijk ook dood aan gaan. Uiteraard niet voordat ze eerst eitjes hebben gelegd.
In juni is vaak de eerste generatie vlinders verdwenen, en laat de tweede generatie nog even op zich wachten. De afgelopen maand zouden dus weinig vlinders te zien, ware het niet dat iets bijzonders was opgetreden. Dit jaar zijn er namelijk veel distelvlinders in Nederland. Een soort die afkomstig is uit Noord-Afrika en met luchtstromen uit het zuiden richting Nederland wordt geblazen. Het is onvoorstelbaar, maar deze vlinders kunnen dus duizenden kilometers afleggen. Vaak komen deze vlinders op hetzelfde moment als ook Sahara zand onze kant op wordt geblazen. Het ene jaar zijn ze dus vrijwel afwezig, terwijl ze in het andere jaar veel voorkomen. Dit jaar was dat laatste het geval.
Deze prachtig oranje gekleurde vlinder is nu één van de weinige soorten vlinders die je kan zien. Hij kan ook zomaar in de tuin opduiken, die goed herkenbaar is aan de oranje kleuren en kenmerkende zwarte, driehoekige vlek met witte stippen op de vleugelpunt. Bovendien is het een grote soort, die daardoor nog weleens kan worden verward met de algemenere atalanta, maar die is veel zwarter en heeft bovendien een rode in plaats van oranje tekening op de vleugels. Distelvlinder is dus een echte trekvlinder, die tot wel in Scandinavië en IJsland kan opduiken. Vliegen kunnen ze wel. Kilometers laten ze zich meevoeren met de wind. De eitjes leggen ze in Nederland, zoals de naam als zegt, met name op distels. Net zoals veel andere vlindersoorten leggen distelvlinders de eitjes dus op één specifieke plantensoort. Ook wel een waardplant genoemd. Als de eitjes van distelvlinders later in het jaar uitkomen op de distels, vliegt een gedeelte weer terug richting het zuiden. Uiteindelijk bereiken ze zo ook weer het noorden van Afrika, maar dat kunnen ze in meerdere generaties doen. De vertrekkende vlinders leggen bijvoorbeeld in Zuid-Frankrijk weer eitjes, zodat als die eitjes uitkomen, deze de overtocht naar Noord-Afrika afronden. Daar leggen ze vervolgens weer eitjes in het late najaar, zodat het nageslacht het volgende jaar wellicht weer onze kant op wordt geblazen.