Afbeelding

Terug in de tijd: handen in het haar over je kapsel

Algemeen

Nu de kappers gesloten zijn in deze coronatijd, zie je regelmatig dat mensen, en vooral mannen, hun haardracht veranderen, ineens lange haren met of zonder knotje of een kaal hoofd. Niets nieuws onder de zon. De kapselmode heeft in de loop tijden allerlei veranderingen gekend, met en zonder strijd. Denk maar aan de laatste helft van de vorige eeuw toen, onder invloed van o.a. The Beatles, veel mannen hun haar lieten groeien.

Verder teruggaand in de tijd, zien we in de zeventiende eeuw onze vlootvoogd Piet Hein, die zelf gemillimeterd haar had en geen scheepsvolk aan boord duldde met lang haar. Bij Michiel de Ruyter, die zelf flink in de manen zat, was het juist tegenovergesteld; iedereen op zijn schip had een flinke dos hoofdhaar.

Onze vaderlandse schilderkunstenaar Rembrandt heeft nooit een mannelijke figuur geschilderd zonder lang haar. Of het nu tijdgenoten waren of Bijbelse figuren, een ieder voorzag hij van lang haar.

Rond 1650 woedde er zelfs een ‘Harige oorlog’ waarin de Dordtse predikant Jacob Rostius zei dat het ‘…. een oneer is als een man lang haar draagt’. Zoals bij ieder conflict waren er voor- en tegenstanders, ook onder predikanten. Taco Hajo van den Honert, in die jaren predikant hier in Ambacht, was vóór het lange haar. Op het portret dat we van hem kennen heeft hij een weelderig kapsel. Dit kan een pruik zijn, want die kwamen in de zeventiende eeuw ook in de mode. Pruiken waren duur en werden daarom alleen door welgestelde lieden gedragen.

In 1795 werden ze voor een groot deel afgeschaft, omdat de patriotten de pruik als symbool van de aristocratie zagen. Lang heeft de magistratuur ze nog gedragen om de rechter samen met de toga ‘neutraal’ te maken, maar in Nederland is dat inmiddels al lang afgeschaft.

Door: Alie Tas