
Een explosie op de Oude Maas
AlgemeenDe Oude Maas is een drukbevaren rivier. Dagelijks passeren honderden schepen de Zwijndrechtse kades. Zij meren aan in de havens of zij varen door naar Rotterdam of de zee. Er wordt hard gewerkt. En waar gewerkt wordt, worden ook fouten gemaakt. We zouden een hele krant kunnen vullen met ongelukken op en rond de Oude Maas in het verleden. Sommige ongelukken staan nog in onze geheugens gegrift, terwijl anderen in de vergetelheid geraakt zijn. Zo ook het hier volgende verhaal.
Op 14 juli 1902 loopt kapitein Willem van Wijngaarden, werkzaam bij H.G. Zwanenburg in Zwijndrecht, het kantoor van de Dordrechtsche Courant binnen. Hij vertelt de journalisten in grote paniek over een ongeluk, dat zojuist op de Oude Maas in de buurt van de spoorbrug heeft plaatsgevonden. Bij een explosie zou een heel schip zijn opgeblazen. De onderdelen van het schip zouden wel honderdvijftig meter ver zijn geslingerd door een immense klap. Een sterk verhaal? Of een regelrechte ramp?
Zoals het een goede krant betaamt, gaan de journalisten direct op onderzoek uit. Zij begeven zich naar de plek des onheils om daar meer getuigen te spreken. Wat zij ter hoogte van De Mijl aantreffen, gaat iedere voorstelling te boven. Op de Oude Maas is in eerste instantie niets te zien. Op de kades aan zowel de Dordtse als Zwijndrechtse kant zien zij echter des te meer. Bij een asfaltfabriek in Dordrecht, dat op een flinke afstand van de rivierkade ligt, vinden zij restanten van een buitenketel in het zand. Deze ketel is ruim 6 meter lang, 2 meter breed en weegt misschien wel 600 kilo. Het gevaarte heeft schade aan diverse aangrenzende panden toegebracht, alvorens deze in het zand op het terrein terecht is gekomen. Delen van kranen en koelkasten, brokken steenkool en stukken hout liggen verspreid op de terreinen rondom. Ook daar is veel schade. Zelfs bij de lijmfabriek in Zwijndrecht (naast de Guanofabriek) zijn resten terechtgekomen. Een vrouw, die op grote afstand toevallig naar de gebeurtenis stond te kijken, werd overgoten door kokend heet water, dat lekte uit de overvliegende projectielen. Zij is inmiddels naar de dokter gebracht. Ook vinden de journalisten een nabijgelegen scheepje met de naam ‘de drie gezusters’ met totaal uitgebrande zeilen. Ook hier waren de rondvliegende onderdelen de oorzaak van geweest. Kortom, een totale ravage en twee dodelijke slachtoffers.
De reconstructie van de journalisten wijst uit dat het ging om het grote houtschip met de naam ‘Sneppe’ van de firma Gerard Mauritz. Het stoomschip had de spoorbrug willen passeren, maar zij was daarvoor te laat. Men besloot de Sneppe naar de kade te trekken om daar te wachten tot de brug opnieuw zou openen. Op dat moment ging er iets verschrikkelijk mis, waardoor de stoomketel plotseling explodeerde. Een enorme klap, die in de wijde omgeving te horen was, was het gevolg. Het feit dat de brokstukken zo ver weg vlogen, geeft de intensiteit aan. Direct na de explosie zonk het schip naar de bodem. Doordat de Oude Maas zo druk bevaren was, konden in de buurt varende schepen nog enige overlevenden redden. Dat maakt het wonder dat er zo weinig slachtoffers waren gevallen des te groter. Zo zien we maar: een ongeluk zit in een klein hoekje.
Tekst: Maurice de Jongh




