
Zeldzame juffertjes op de dijk
Kunst en cultuurHet eiland in de Noord, de Sophiapolder, is met name een goede plek om veel vogels te zien. Op de uitgebreide slikvlakte lopen in deze tijd van het jaar vele honderden grutto’s, kieviten, kemphanen en tureluurs. Toch zijn de zomermaanden met name op het eiland ook geschikt om op de dijk naar vlinders en libellen te kijken. Op de rijk begroeide dijken zijn meerdere zeldzame libellen te zien, waaronder de weidebeekjuffer, rivierrombout en blauwe breedscheenjuffer. Met name de laatste soort is wel echt een unicum in deze regio en de rest van Zuid-Holland.
Afgelopen week kwam ik er weer een aantal tegen op de dijk, nadat ze in 2018 voor het laatst op het eiland waren gezien. De kans dat ze in de tussenliggende jaren wel op het eiland hebben gezeten is overigens wel groot, want ze vliegen onopvallend tussen de planten en zijn maar in een korte tijd van het jaar actief. Ze vallen vooral op doordat het vrij lange juffers zijn, die als lichte stokjes rustig tussen de vegetatie doorvliegen. Soms hangen ze dan weer minuten stil aan een plant, voordat ze weer rustig verder bewegen.
Blauwe breedscheenjuffers zijn zoals de naam al doet vermoeden vooral goed herkenbaar aan de lichte poten met brede schenen, waarmee ze zich onderscheiden van andere juffers. Ook de kop is breder dan bij andere juffers, waarbij ze op het borststuk twee lichte schoudernaadstrepen hebben (andere juffersoorten hebben maximaal één streep). De mannetjes zijn flets blauw met op de segmenten van het lange gedeelte een zwarte lengtestreep. Vrouwtjes zijn wat meer beige, of als ze net zijn uitgeslopen meer oranje.
Terwijl ik de blauwe breedscheenjuffers op de dijk zag, vroeg ik mij natuurlijk ook direct af waar deze vandaan komen. Meestal is het met libellen wel duidelijk waar ze hun eitjes afzetten. Als je een grote keizerlibel boven de sloot ziet vliegen, duurt het meestal niet lang voordat je het vrouwtje eitjes in het water af ziet zetten. De sloot is dan de plek waar de larven opgroeien en waar één of twee jaar later een libel uit het water sluipt. Maar zo op de dijk langs een snelstromende rivier is het dan toch wat twijfelen. Rivierrombouten, die zitten er ook, is een typische soort die bekend staat om zijn voortplanting in snelstromende rivieren. Maar van zo’n teer juffertje verwacht je het dan weer niet. Toch planten blauwe breedscheenjuffers zich vaak voort in snelstromend water, waarbij de larven in de dekking van waterplanten één of twee winters verblijven. De kans is groot dat ze dus rondom de Sophiapolder opgroeien in de Noord, waarbij ze wellicht ook de dekking van de stortstenenoevers gebruiken? Het is moeilijk voor te stellen dat de kleine eitjes en larfjes daar twee jaar kunnen overleven met hoge waterstanden en snelle stromingen, voordat ze als juffertje op de dijk vliegen. Maar ze zijn weer te zien op de dijk, dus het lukt ze wel!
Heeft u vragen, zelf wat onbekends gezien of andere opmerkingen? Mail me gerust:
cornelisfokker@gmail.com




