
Zwijndrechtse (Op)bouwdag
AlgemeenBouwen, bouwen, bouwen. Het is een veel gehoorde kreet in de afgelopen weken. In het kader van de gemeenteraadsverkiezingen werd de problematiek rond de woningbouw uiteraard niet overgeslagen. Het is een thema dat al een groot aantal jaren speelt in onze woonplaats. Vanuit de provincie heeft de gemeente Zwijndrecht de opdracht gekregen 2000 tot 3000 woningen te bouwen. De vraag is echter: waar en voor wie? Zoals bekend, kampt Zwijndrecht binnen de bebouwde kom met een groot ruimtegebrek en dus is die opdracht zeker geen gemakkelijke.
Het is interessant te onderzoeken hoe men in het verleden omging met dit soort vraagstukken. Halverwege de jaren vijftig nam het aantal inwoners zeer snel toe. De gemeente Zwijndrecht ging dan ook voortvarend van start. Op 2 oktober 1956 sprak men van een heuse ‘Opbouwdag’: een dag die geheel in het teken stond van allerlei bouwprojecten. Voor deze gelegenheid waren twee touringcars beschikbaar gesteld. In de voorste zaten de burgemeester C. Slobbe en de wethouders. In de tweede bus was een plek geregeld voor een groot aantal genodigden. Het gezelschap bezocht de hele dag allerlei bouwprojecten. Anders dan nu het geval is, was een eerstesteenlegging of de eerste heipaal vaak een hele gebeurtenis. De mannen droegen een pak en een bolhoed, terwijl ook de vrouwen de mooiste kleding uit de kast hadden getrokken.
Het nieuwe filtergebouw op het terrein van de watertoren was de eerste plek waar de touringcars stopten. Met één druk op de knop werden de enorme machines in het gebouw in beweging gebracht. Vervolgens reed het gezelschap naar de Huishoudschool op de Koninginneweg, die daar reeds in aanbouw was. Voorzitter van de Vereniging voor Christelijk Onderwijs en Christelijke Opvoeding, de heer W.J. van der Veen, had de eer de symbolische eerstesteenlegging uit te voeren. Niet veel later begaf de stoet zich naar de Laurensvliet, waar men de sleutel overhandigde aan het gezin van J. de Groot, die één van de 38 pas opgeleverde woningen in deze straat ging huren. Wethouder C. de Bruin heide vervolgens op een terrein achter de Laurensvliet een paal in de grond, waarmee het startsein voor het immense uitbreidingsplan ‘Polder Noord’ werd gegeven. Komende jaren zouden daar 1500 woningen, 60 winkels, 50 bedrijven en 14 openbare gebouwen verrijzen! Men bezocht tot slot ook de Anthonie van Leeuwenhoekstraat, waar de eerste paal geslagen werd voor 18 vrije sector woningen met het bijzondere ‘BACO-systeem’, waarmee men tot 40 procent van het totaal aantal arbeidersuren kon besparen.
Maar hier hielden de activiteiten niet op. Ook werd bij het Wagenveld een eerste boom geplant voor een immense groenstrook (de groene wig), die grotendeels langs de Burgemeester Jansenlaan kwam te liggen. Aansluitend werden nog diverse nieuwe industrieën bezocht. We kunnen stellen dat 2 oktober 1956 misschien wel de belangrijkste dag voor het Naoorlogse Zwijndrecht was. Op die dag werd de basis gelegd voor een stormachtige expansie, die pas eind jaren negentig een halt werd toegeroepen. Opvallend is, dat de variëteit aan projecten enorm was; van sociale woningbouw tot publieke bouwwerken en parken. (Bron: de Bouwrevue 1956)
Tekst: Maurice de Jongh




