Sinds een paar jaar lijken ook de Crezéepolder en Sophiapolder ontdekt, waar nu jaarlijks reuzensterns worden waargenomen.
Sinds een paar jaar lijken ook de Crezéepolder en Sophiapolder ontdekt, waar nu jaarlijks reuzensterns worden waargenomen.

Steeds vaker reuzensterns

Lokaal

Reuzensterns worden de laatste jaren steeds vaker waargenomen in de Crezéepolder en Sophiapolder. Meestal staan ze op het slik tussen de rustende meeuwen, of vliegen ze al jagend boven de kreken. Reuzensterns lijken met hun felrode snavel en slanke uiterlijk enigszins op een visdief, maar zijn wel vijf keer groter. Terwijl visdieven in onze regio algemeen zijn, kom je reuzensterns hier uitsluitend op doortrek tegen.

Reuzensterns broeden in de landen rondom de Oostzee, met name in Zweden maar ook in de Baltische staten en Finland. Recent zijn daar ook Polen en Denemarken bijgekomen, want het broedgebied van reuzensterns breidt zich behoorlijk uit. In de jaren ’60 heeft de soort het zwaar te verduren gehad, toen gifstoffen in vissen leidden tot grote sterfte onder reuzensterns en andere visetende vogels. Nadat deze gifstoffen verboden werden, herstelde de populatie enigszins, maar in Zweden zorgden zeearenden en Amerikaanse nertsen voor grote sterfte van kuikens in de kolonies. Relatief recent zijn ook die problemen verholpen, zodat de populatie duidelijk in de lift zit.

Ook in Nederland merken we dat, want veel reuzensterns trekken via Nederland richting overwinteringsgebieden in Zuid-Europa en Afrika. Met name de waterrijke gebieden rondom het IJsselmeer zijn in trek, maar ook de Delta wordt gebruikt als tussenstop op weg naar het zuiden. Sinds een paar jaar lijken ook de Crezéepolder en Sophiapolder ontdekt, waar nu jaarlijks reuzensterns worden waargenomen.

Voordat beide polders werden ingericht, was reuzenstern een hele zeldzame verschijning in onze regio. Echter, ook in de eerste jaren nadat de gebieden klaar waren werden ze nog maar zelden gezien. Omdat ze tegenwoordig wel regelmatig opduiken, lijken de gebieden echt ontdekt te zijn door reuzensterns. Net zoals veel andere vogelsoorten hebben reuzensterns vaste patronen, en dus ook vaste trekroutes en stopplekken. Vogels gebruiken zodoende veel dezelfde gebieden, en voordat een nieuw gebied ontdekt wordt, kan er dus zomaar een paar jaar overheen gaan. Omdat de jongen vaak met één van de ouders meevliegen naar het zuiden, worden vaste trekroutes op die manier ook overgedragen aan de nieuwe generatie. Nu eenmaal onze gebieden zijn ontdekt, nemen de aantallen dan ook snel toe. Echter, omdat de polders onder invloed staan van het getij en reuzensterns met hoog water nergens droge voeten kunnen houden, zijn ze altijd maar relatief kort aanwezig.

Tot eind september kan je nog reuzensterns tegenkomen, waarbij het dus met name loont om de rustende meeuwen goed af te kijken. Wellicht staat daar opeens een vogel tussen met zo’n enorme rode snavel. Extra leuk is het dan om nog op te letten of de vogels wellicht geringd zijn voor onderzoek. Afgelopen jaar zag ik eind september een reuzenstern met een rode ring om de poot. Dankzij de unieke code die op de ring stond, hoorde ik van de Zweedse onderzoekers dat ‘mijn’ vogel R-Y3T op 10 juni 2022 was geringd in een nestje met twee jongen op het Zuid-Zweedse eiland Hasslö. Wellicht dat die vogel komende tijd weer opduikt in onze regio!

Heeft u vragen, zelf wat onbekends gezien of andere opmerkingen? Mail me gerust: cornelisfokker@gmail.com