
Huisartsenpraktijk van Houten 25 jaar
LokaalDe huisartsenpraktijk van de huisartsen Ron van Houten en Eline van Houten-de Koning bestaat op 1 oktober 2023 precies 25 jaar. Maar eigenlijk bestaat de praktijk al veel langer want rond 1 juli 1967 begon de vader van Eline van Houten-de Koning, dokter Ch. Th. de Koning, als huisarts in H.I.Ambacht, eerst in de Schultz van Haegenstraat, later aan de Reeweg.
“Ik was toen hij begon 4 maanden oud”, weet Eline, “patiënten herinneren mij nog wel als baby op de arm van mijn moeder. Er zijn nog best wat patiënten die vanaf toen al patiënt zijn. Eén patiënt wist mij vorig jaar al te vertellen dat hij dit jaar 50 jaar patiënt bij onze praktijk is”.
“In 1973 verhuisde de praktijk inclusief woonhuis naar de van Duyvenvoordelaan 11”, haalt Eline op. Sinds mei 1991 is daar ook het vaste gezicht van assistente Annet van Kooten aanwezig. Ron van Houten ging op 3 juni 1996 samenwerken met zijn schoonvader, huisarts De Koning, en een half jaar later volgde Eline, inmiddels moeder van twee later drie jonge kinderen, ook.
“Per 1 oktober 1998 namen wij huis, haard en praktijk over aan de van Duyvenvoordelaan. Dat was best druk toen. Mijn vader bleef nog invallen tijdens drukke momenten, zoals na een vakantie. In de loop der tijd breidde ons personeel zich uit, waarna we uiteindelijk met 5 personen in 2 kamers werkten. Dat zorgde voor het nodige passen en meten”.
In die jaren deden de huisartsen nog ouderwets dienst voor het hele dorp in de avonden en weekenden tot in 2003 de komst van de huisartsenpost in Dordrecht aan die situatie een einde maakte. Na wat jaren zoeken en veel praten en tegenvallers kwam in 2015 een droom van Ron van Houten en fysiotherapeut Erik Havelaar uit. Samen met Paramedisch centrum de Schoof in de persoon van Peter Postema, Erik Havelaar en Kees Nieuwstraten en huisartspraktijk Ronella Hage kocht het echtpaar Van Houten de oude Trompschool. Na een uitgebreide verbouwing werd dit Gezondheidscentrum De Zeester.
De huisartsen hebben hun vak in de afgelopen 25 jaar zien veranderen. Voorzichtig formuleren ze dat er veel meer bureaucratie is gekomen. “We moeten voldoen aan wat de zorgverzekeraar van ons wil of het nou nuttig is of niet. Zij bepalen wat wij wel of niet bekostigd krijgen en wat de patiënt wel of niet vergoed krijgt. Door de enorme uitbreiding van taken zijn we steeds meer “niet huisarts” en moeten we meer dingen doen die afwijken van de kern van het vak. Ondanks dat we veel minder patiënten hebben dan toen we begonnen, hebben we minder of geen tijd als huisarts voor sociaal contact zoals even een belletje hoe het gaat met iemand. Tegelijkertijd zijn de wachtlijsten lang, vooral in de GGZ, verpleeghuizen en Thuiszorg. Dat zorgt voor meer werk, dat vaak niet ons werk zou moeten zijn”. Eigentijdse veranderingen in het werk zijn onder meer het e-consult en beeldbellen.
Ondanks hun kritische kanttekeningen haalt het echtpaar nog steeds voldoening uit hun werk. Ron van Houten noemt als mooie kant van het werk de langdurige band met mensen/patiënten. “Het is een soort huwelijk tot de dood ons scheidt, in lief en leed. We kennen vaak de ouders en de kleinkinderen. Die hele familie hoort bij het huisartsenvak. We wonen in het dorp en komen de mensen tegen in de supermarkt en bij de volleybal. Dan zijn mensen ook geïnteresseerd in ons. Ik vind dat mooi”. Ook voor Eline is het patiëntencontact belangrijk. “Dat is en zou de core business moeten blijven. Dat is waarom ik het vak zo mooi vind. Wij zien ook hoe het met de mensen gaat na de behandeling”. Als kritische noot wil Ron van Houten nog wel kwijt dat hij de toenemende onvrede van mensen en de eisen die de maatschappij soms 24 uur per dag en zeven dagen in de week stelt, soms lastig vindt.
Het grootste nadeel van zijn werk is hem zelf overkomen. In de coronaperiode is hij besmet geraakt en inmiddels lijdt hij aan long-covid. Lichamelijk gaat het hem inmiddels wel iets beter maar in het werk beperkt hij zich noodgedwongen per dag tot enige uren en tot zaken, waarop hij zich kan focussen. De feestelijkheden rond het jubileum blijven daarom ook beperkt.
Tekst: Trudy Wehrmeijer








