Afbeelding

Paniek op de bruggen

Lokaal

In de vorige eeuw stond Hendrik-Ido-Ambacht wereldwijd bekend om zijn scheepssloperijen. Een indrukwekkend scala aan schepen vonden bij de sloperijen langs de Rietbaan en de Strooppot hun einde. Niet alleen technisch en operationeel verouderde schepen, maar ook schepen die door stormen, een aanvaring, brand, of stranding en wiens lot werd bepaald door verzekeraars, eindigden daar in de kringloop van het ijzer.

Schepen in allerlei soorten en maten
De meest absurde en onheilspellende schepen, maar ook de mooiste scheppingen van het menselijk vernuft voor de oceanen en de zeeën, zoals de oceaanzeilschepen en passagiersschepen met een wereld van luxe, stijl en verfijning, gingen op weg naar Ambacht voor een nieuw begin als schroot.

De te passeren bruggen
Aanvankelijk werden de grote sloopschepen die van zee in de Nieuwe Waterweg arriveerden, afgemeerd aan de Vondelingenplaat, gelegen in de mond van de Oude Maas, onder de gemeenten Pernis en Rozenburg. Ambachters op klompen verwijderden daar de masten, schoorstenen, geschutstorens en de dekken, om zo de diepgang te verminderen en vooral om de Rotterdamse Maasbruggen te kunnen passeren.

Het ss Kinfauns Castle ramt de Willemsverkeersbrug
In de morgen van 24 november 1927 naderen sleepboten met het van masten, schoorstenen en dekken ontdane dubbelschroefs passagiersschip Kinfauns Castle, de Willemsverkeerbrug over de Nieuwe Maas, op weg naar de scheepssloperij van Frank Rijsdijk’s Industriële Ondernemingen. Dan gaat het goed fout. Met een enorme dreun raakt het casco de westelijke hoofdligger van de brug. “Het voetpad raakt ontzet, er breekt paniek uit en de Rijkshavenmeester die de doorvaarthoogte heeft overschat, wordt met hyperventilatie naar huis gebracht”. De aanvaring die dagenlang de aandacht trekt op de voorpagina’s van de landelijke dagbladen, leidt tot Kamervragen en hoewel de N.V. Frank Rijsdijk stelt dat er “geen sprake meer is van een schip”, oordeelt de Rechtbank Rotterdam “dat alle voorwerpen, ingericht om zich op het water te bewegen of voortgesleept, wel degelijk als een schip beschouwd moeten worden”.

Tanker Velutina ramt de Alblasserdamse brug
Hoewel niet gerelateerd aan diepgang of doorvaarthoogte, maar als gevolg van sterke stroming, in combinatie met een verkeerde manoeuvre, ontstaat op 8 juni 1971 grote consternatie als de Britse Shell tanker Velutina, in bedwang gehouden door zes sleepboten out of control raakt voor de doorgang van de Alblasserdamse brug. Het bijna 190 meter lange gevaarte komt dwars op stroom te liggen en dreunt letterlijk tegen de brug, die bijna van de fundatie wordt gedrukt. Met behulp van acht sleepboten wordt de tanker rechtgetrokken en door de doorgang van de brug gemanoeuvreerd en vervolgens afgemeerd aan de sloopwerf van Frank Rijsdijk-Holland op de Punt van de Sophiapolder. Daar wordt het schip volledig afgesloopt en het achterschip verwijderd. Het voorschip wordt naar de NDSM-werf in Amsterdam getransporteerd voor ombouw tot kraanschip in opdracht van de Heerema Enginering Service Group. Een mooi project van gecombineerde expansie, innovatie en circulair hergebruik, dat mede tot stand kon komen door scheepsslopers, de beroepsacrobaten van Ambacht.

Tekst: Dirk van Namen

Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding