
Een man met een vrijheidsmissie. Zwijndrechtenaar Benzakour lanceert ‘Het lied van Agilouz’
LokaalOp de laatste dag van maart spreidde het nieuwe boek van de Zwijndrechtse schrijver Mohammed Benzakour haar vleugels en nam een vlucht de wijde wereld in. Het lied van Agilouz is een lofzang voor de vrijheid en tegelijkertijd een rauwe confrontatie met het niet willen loslaten. De schrijver reist naar Indonesië met één doel, vogels in gevangenschap te bevrijden uit hun gouden kooi.
De ruim vijftig vogels die Benzakour op Bali bevrijdde, zaten natuurlijk niet in een gouden kooi. De speciale huisjes voorzien van voedsel, water, een stok en soms een speeldingetje waren gemaakt van metaal of hout. En hoe schoon de vorm, kleur en het lied van elk vogeltje in het kooitje ook was, het beeld bleef de vogelaar naar de keel grijpen.
Habitat
We ontmoeten elkaar in de bibliotheek. We kennen elkaar een beetje, dus de ontmoeting voelt vertrouwd. De auteur steekt meteen van wal; ‘ik heb een missie en jij ook, anders zat je hier niet.’ In die paar woorden weet hij me mee te trekken in zijn overtuiging. Dat vogels, dieren en mensen thuishoren in hun eigen habitat. Waarin ze vrij bewegen, beslissen en hun instinct kunnen volgen. ‘Het gaat niet goed met de dieren, de natuur. Als we nu niet iets doen, gaat het binnenkort ook niet goed met de mens.’
Het lied van Agilouz begint bij een dieptepunt. Gekwetst en overrompeld vlucht Benzakour naar een park. Hij gaat op het gras liggen en laat het nieuws inzinken dat zijn moeder nooit meer beter wordt. Dwars door zijn sombere gedachten snijdt een helder vogellied. Elke keer als hij zijn moeder in het revalidatiecentrum bezoekt, wipt hij het park binnen. Er groeit een band tussen het fluitende winterkoninkje en de vogelliefhebber. ‘Agilouz is alles wat mijn moeder niet meer is. Ze zit gevangen in haar lichaam, ze kan niet meer bewegen, praten, terwijl ze alles wel bewust meemaakt.’
De ervaring brengt de boel aan het rollen. Benzakour was al eerder op werkbezoek in Indonesië geweest. Hij kent het land en ontdekt dat op Java meer vogels in een piepklein kooitje dan in de vrije natuur leven. Onbegrijpelijk vindt hij dat. En start de voorbereidingen. Hij bezoekt vogel- verenigingen, tentoonstellingen, gaat birdspotten, leest en onderzoekt. Hij vertelt vrienden over zijn plan vogels in gevangenschap terug te geven aan de Indonesische natuur. De meesten reageren sceptisch. ‘De vogels overleven het niet, ze keren terug naar hun oude veilige plek, je belandt zelf in het gevang.’
Wat kies je dan?
Maar Mohammed Benzakour laat zich niet stoppen. Met al zijn spaargeld op zak vertrekt hij naar Bali. Zijn missie is duidelijk, voor de Balinezen helaas een stuk minder. Gesprekken met vogeleigenaars om hun geliefde huisdier los te laten, stuit op weinig begrip. ‘Hij krijgt toch eten en drinken, hoor ze zingen, ik hou van mijn vogel.’ Zijn reactie dat als je van iemand houdt dan laat je het vrij, landt niet bij de luisteraar.
Het lied van Agilouz leest als een jeugdig avonturenboek met een volwassen boodschap. Ergens in het gesprek kijkt de schrijver me weer aan: ‘als jij de keuze krijgt om dertig jaar in gevangenschap of twintig jaar in vrijheid te leven, wat kies je dan? Het antwoord lijkt me simpel en vanzelfsprekend.
Tekst: Meity Bodenstaff- de Folter





