Op 1 september zat kortstondig een vorkstaartmeeuw in de Crezéepolder. De soort is goed te herkennen aan de opvallende witte driehoeken in de vleugels. Foto: Rutger Plaisier
Op 1 september zat kortstondig een vorkstaartmeeuw in de Crezéepolder. De soort is goed te herkennen aan de opvallende witte driehoeken in de vleugels. Foto: Rutger Plaisier

Vorkstaartmeeuw: nieuw in de regio!

Kunst en cultuur

Het gebeurt maar heel weinig dat een nieuwe vogelsoort voor de regio wordt waargenomen. Afgelopen 1 september was het echter het geval, want toen werd in de Crezéepolder door een oplettende vogelaar een heuse vorkstaartmeeuw ontdekt. Deze schitterende meeuwensoort verbleef ongeveer twee uur in de polder, waarna hij hoog wegtrok richting het westen. Twee uur was net voldoende voor een groot deel van de vogelaars uit de buurt om de vogel te zien, want een vorkstaartmeeuw is wel een verhaal apart!

De vorkstaartmeeuw staat wel te boek als één van de mooiste meeuwen die er zijn. De volwassen vogels hebben een donkergrijze kopkap met daarbij een opvallend gele snavelpunt. Verder heeft de soort een typische gevorkte staart (wat de naam al doet vermoeden). Het meest opvallend is echter de tekening op de rug en op de vleugels. De buitenste handpennen zijn namelijk zwart, de rug en vleugeldekveren zijn donkergrijs, waardoor in vlucht een witte driehoek ontstaat aan de binnenzijde van de vleugel. Ook op grote afstand boven zee (waar je ze normaal ziet) valt die tekening erg op. De vogel die in de Crezéepolder zat was waarschijnlijk een vogel van 3 jaar oud, omdat hij nog enige bruine tekening in de veren had (typisch voor jonge meeuwen) maar er verder uit zag als een volwassen vogel.
Vorkstaartmeeuw is een broedvogel van de hoog arctische gebieden. De soort broedt dan ook niet in Europa, maar onder andere wel in Groenland en op Spitsbergen. De broedvogels uit Groenland en Oost-Canada trekken na het broedseizoen over de Atlantische Oceaan naar het zuiden, waarbij ze dus de Noordzee en Groot-Brittannië letterlijk links laten liggen. Na een tussenstop voor de kust van Spanje treken ze door naar Zuidwest-Afrika, waar ze een aantal maanden voor de kust doorbrengen, waarna ze in het voorjaar weer terugtrekken richting de Noordpool. In Nederland zijn vorkstaartmeeuwen eigenlijk alleen langs de kust te zien na een harde westenstorm in het najaar, waarbij soms enkele exemplaren de Noordzee worden ingeblazen. Een waarneming in het binnenland zoals in de Crezéepolder gebeurt niet eens jaarlijks in ons land.
Hoe de vogel in de Crezéepolder is terechtgekomen blijft dan ook gissen. Soms raken na een harde westenstorm zeevogels weleens gedesoriënteerd en kunnen in het binnenland terechtkomen, maar daarvan was eind augustus geen sprake. Mogelijk heeft de vogel ‘gewoon’ een verkeerde afslag genomen en is vanaf de Waddenzee het IJsselmeer opgevlogen. Uiteindelijk loop je op het IJsselmeer vast als je naar het zuiden trekt, waarna er niet veel over blijft dan om over het land te gaan vliegen. Zodoende zou hij in de Crezéepolder terecht gekomen kunnen zijn. Opvallend was wel toen hij vertrok, dat hij naar behoorlijke hoogte vloog. Het leek of hij zoekende was naar de zee, want opeens vertrok hij in rechte lijn pal naar het westen. Alsof hij de zee in de verte zag liggen en zo weer terug kon komen op zijn gebruikelijke trekroute. Hopelijk is dat deze zeldzaamheid gelukt en komt hij van de winter in Afrika zijn soortgenoten weer tegen!

Heeft u vragen, zelf wat onbekends gezien of andere opmerkingen? Mail me gerust:
cornelisfokker@gmail.com