
Een geelgekleurde spotter
LokaalRegio - Op sommige plekken kan je in deze tijd van het jaar uit dicht struikgewas opvallend snerpende en ketsende tonen horen. Flinke uithalen, die onderdeel zijn van een lange en gevarieerde zang. Spotvogels vind je net zoals de meeste andere soorten in deze tijd van het jaar meestal enkel en alleen op het geluid. De zang is daarmee ook het meest belangrijke van deze soort, want hun zang is meestal een aaneenschakeling van imitaties van andere vogelsoorten. Dat is ook de reden waar de spotvogel zijn naam aan te danken heeft. Door andere soorten te imiteren, is het alsof hij de spot met hen drijft.
Spotvogels komen altijd als één van de laatste zangvogels terug uit zuidelijk Afrika. Ze overwinteren zelfs tot in Zuid-Afrika en zijn uiteindelijk ongeveer maar drie maanden in Nederland. De soort is dus een echte langeafstandstrekker, en dat is ook goed te zien aan de bouw. Spotvogels hebben lange vleugels en zijn daardoor in staat om dergelijke afstanden af te leggen. Dat doen ze uitsluitend ’s nachts en meestal dus op grote hoogte. Over de nachtelijke trek van zangvogels weten we nog heel weinig, maar steeds meer kennis komt daarover beschikbaar. Daaruit blijkt dat ze vaak honderden kilometers aan één stuk kunnen vliegen, en dat vaak ook op kilometers hoogte doen om zo barrières als de Middelandse Zee en de Sahara relatief veilig te passeren. Spotvogels zijn naast hun zang en lange vleugels vooral ook te herkennen aan hun gele uiterlijk. De onderdelen zijn lichtgeel, een beetje afhankelijk per individu, met een lange, oranje snavel. Ze hebben een wat donkerder petje en ook de bovendelen zijn net wat meer bruingroen gekleurd. In augustus trekken de meeste exemplaren alweer weg en zijn ze eigenlijk niet meer te vinden. Daarvoor hebben ze in het dichte struikgewas meestal een nestje met drie of vier jongen groot gebracht.
Spotvogels hebben een voorkeur voor dicht struweel en struikgewas. Ook in jong aangeplante bossen kunnen ze soms algemeen voorkomen, maar in onze regio is het Waalbos een geschikte plek om meerdere spotvogels tegen te komen. Landelijk is de soort jarenlang in aantal achteruit gegaan, maar de laatste jaren neemt het aantal broedparen weer voorzichtig toe. Mogelijk heeft de afname van houtwallen en andere landschapselementen, en de uitbreiding van de steden, een rol gespeeld in deze afname. De komst van de orpheusspotvogel, een zuidelijke soort die sterk op de spotvogel lijkt, heeft niks met deze afname te maken. Orpheusspotvogels worden in Nederland steeds algemener, omdat de noordgrens van hun broedgebied opschuift naar het noorden. De soort lijkt sterk op de spotvogel, maar verschilt in een aantal subtiele kenmerken en vooral ook in de zang. De zang van de orpheusspotvogel is meer een gebrabbel, met minder uithalende tonen zoals spotvogels. In onze regio is nog nooit een orpheusspotvogel waargenomen, maar het is wachten tot deze nieuwkomer voor het eerst in Ambacht of Zwijndrecht op zal duiken.
Heeft u vragen, zelf wat onbekends gezien of andere opmerkingen? Mail me gerust:
cornelisfokker@gmail.com








